![]()
Interreligie Dialoog Overzicht
na 10 jaren van intensieve
promotie activiteit
Nood aan globale samenwerking
In de EU
en de VSA:
Na de
eerste internationale interreligieuze dialoog samenkomst te Chicago in 1893,
georganiseerd door het Parliament of World’s Religions (PWR), is er sinds de
dertiger jaren een versnelling tot stand gekomen in de interreligeuze dialoog
ontmoetingen zowel in de VSA als in Europa. De deelnemers aan deze samenkomsten
waren voor het merendeel academici, kloosterlingen, priesters en een kleine
minderheid van gewone leken.
De lijst
van de voornaamste organisaties is beschikbaar op mijn website.
Wat
opvalt is dat er tussen al deze organisaties weinig of geen samenwerking is om
samen iets te doen aan de problemen van onze wereld, terwijl toch deze
problemen vanzelfsprekend gespreksonderwerp zouden moeten zijn van alle
interreligieuse dialoog samenkomsten. Drie belangrijke dialoog organisaties,
World Congress of Faiths (WCF), International Interreligious Centre (IIC) en
International Association for Religious Freedom (IARF) hebben hun kantoor naast
mekaar op de zelfde verdieping van hetzelfde gebouw in Oxford, VK, met elk zijn
eigen nieuws bulletin en elk zijn eigen belangen en doelstellingen !
Tegen de
achtergrond van de groeiende éénwording van de wereld, worden velen zich nu
eindelijk bewust van de nood tot meer samenwerking en zelfs coordinatie tussen
de activiteiten van deze interreligie dialoog organisaties en ook van de NGO
organisaties.
Een
langverwachte toenadering is nu begonnen in de VSA tussen het ‘Council for a
Parliament of World’s Religions’ (CPWR) en het ‘United Religions Initiative’
(URI), met als respectievelijke contactpersonen Jim Kenney (jim@cpwr.org) en
Rev. Charles Gibbs (charles@uri.org),
waarbij er nu ook sinds kort een vertegenwoordiging is van CPWR in de
bestuursraad van het tijdschrift “World Faiths Encounter”, uitgegeven
door de ‘World Congress of Faiths’, Oxford, UK, en waardoor beide organisaties
dichter naar mekaar toegroeien, en waardoor meer nieuws van de VS erin zullen
geplubliceerd worden.
Naast dit
tijdschrift in de Engelstalige wereld van het Westen is er ook in de Oosterse
wereld een tijdschrift “Seeds of Peace”, uitgegeven in Bangkok door het
‘International Network of Engaged Buddhists’ (INEB) met Sulak Sivaraksa als
bezielende en wel bekende verdediger van de rechten van de inheemse
volksstammen in de Bergen van Noord Thailand. Beide verschijnen driemaal ‘s
jaars. Er is een poging gaande tot het wederzijds uitwisselen van artikels om
de kennis in beide delen van de wereld op het gebied van de interculturele en
interreligie dialoog tussen de Westerse Engelstalige wereld en de landen van
Zuid-Oost Azië te bevorderen.
Belangrijke
internationale interreligie dialoog samenkomsten waren zonder twijfel deze van
Chicago in 1993 met 8.000 deelnemers (o/a verklaring van de Wereld Ethiek van
de Katholieke theoloog Dr. Hans Küng), en deze van Cape Town, Zuid Afrika in
december 1999 met meer dan 7.000 deelnemers, beide georganiseerd door CPWR, 100
jaar na deze van 1893. In Cape Town kwam de nood tot meer coordinatie en
samenwerking aan bod.
Ook met
de andere organisaties in de VS zoals ‘The Temple of Understanding’ en ‘World
Conference on Religion & Peace’ (WCRP) begint het inzicht te groeien dat er
nood is aan een éénstemmig wereldforum van de wereld geloofsgemeenschappen
naast de Verenigde Naties Organisatie door de oprichting van een Verenigde
Religies Organisatie, zoals het het doel was, tenminste in de beginphase, van
het ‘United Religions Initiative’ (URI), dat in 1995 gelanceerd werd door de
Episcopaalse Bisschop van het Diocees van California. (zie : Organizations@en URI op mijn website). Om een dergelijke
globale organisatie te verwezenlijken is er echter ook nood aan meer locale
samenwerking aan de basis en zeker op continentaal en nationaal vlak. IARF en
WCRP hebben een vertegenwoordiging bij de VNO en de UNESCO. Dit brengt hen
echter rechtstreeks betrokken in de wereld van de politiek, spijts de geschiedenis
geleerd heeft dat dit niet de aangewezen weg is voor geloofsgemeenschappen,
daarom blijf ik prioriteit geven aan een globale organisatie buiten en naast de
VNO, met secretariaat bij voorkeur op het Europese continent als meer
aanvaardbaar door de niet-christelijke geloofsgemeenschappen.
In de EU
groeit ook het besef
van deze nood tot meer globale samenwerking op regionaal, nationaal, Europees
en internationaal gebied. Een supernationale organisatie kan, mijns inziens,
moeilijk tot stand komen zonder het bestaan van nationale en/of continentale
overkoepelende organisaties. Een belangrijke stap in deze richting zou zijn de
oprichting van een Europees overkoepelend interreligieus dialoog orgaan, een
soort ‘European Interfaith Council’, dat dan ook de uitgave van een Europees
interreligie dialoog tijdschrift terzake zou kunnen uitwerken. Sinds een
drietal jaren heb ik geprobeerd dit idee te verspreiden bij de leiders van de
dialoog organisaties.
De ‘World Conference for Religion and Peace’
(WCRP) heeft nu zeer recent het initiatief genomen tot de oprichting van een
‘Pan European Multireligious Leaders Council’, opgericht op 12 maart 2002 te
Parijs, bekend gemaakt door middel van een e-mail persboodschap vanuit het WCRP
kantoor in het VK. Deze ‘Council’ zal bestaan uit 30 leden, religieuze leiders
van de verscheidene geloofsgemeenschappen van West en Oost Europa, met inbegrip
van de ‘Commonwealth of Independent States’ en Turkije.
De EU-Commissie zoekt naar samenwerking met de
geloofsgemeenschappen in Europa en organiseert sinds verscheidene jaren één
dag-ontmoetingen tussen politieke en religieuze leiders. Het probleem van de
EU-Commissie voor nog nauwere samenwerking is dat er buiten de Katholieke Kerk
geen vertegenwoordigende organisaties van de geloofsgemeenschappen voor handen
zijn als echte gesprekspartners voor de EU-Commissie. De EU-Commissie denkt
hier nu in de twee volgende jaren werk van te kunnen maken.
De Wereld
Raad van Kerken van Genève, waar 337 Protestantse en Orthodoxe gemeenschappen lid
van zijn, zou hierin eventueel een rol kunnen vervullen.
In de
Islamitische wereld groeit de vraag naar een vertegenwoordiging van de Islam
met recht van spreken op Europees als wel als op wereldniveau voor de diverse
stromingen in de Moslim wereld. Dit zou een belangrijke stap betekenen in de
ontmoetingsmogelijkheden met de andere geloofsgemeenschappen en ook met
politieke organisaties zoals de Europese Commissie en de Verenigde Naties. Om
de gebedsbedienaars en Koran leraren van de Moslim geloofsgemeenschappen in
België op dezelfde manier financieel te bezoldigen, zoals het reeds gedaan
wordt voor Katholieke, Orthodoxe en Protestantse bedienaren en leraren, heeft
de Belgische regering in 2000 als voorwaarde gesteld dat door democratische
verkiezingen een Islamitische Executieve zou opgericht worden als
vertegenwoordigende partner voor de regering. Dit resulteerde in de oprichting
van de Islamitische Executieve in 2001 met als gevolg dat de bedienaars en
leraars binnenkort evenwaardig van dezelfde bezoldiging zullen genieten als
deze van de andere vermelde geloofsgemeenschappen.
Japan is
op dit gebied een wereld op zich, met het Boeddhisme als voornaamste partner.
Zoals in de Islam bestaat er in de Boeddhistische wereld ook geen
overkoepelende authoriteit. Alle “kerken” van jong tot oud zijn zelfstandig en
zelfs iedere tempel is op zichzelf aangewezen. Sinds enkele jaren wordt er
binnen de diverse Boeddhistische geloofsgemeenschappen gewerkt aan meer
binnen-kerkelijke samenwerking. Dit kan nog vele jaren in beslag nemen, en het
zal slechts na het uitwerken van deze binnen-kerkelijke dialoog mogelijk zijn
voor de Japanse Boeddistische geloofsgemeenschappen om met één authoritatieve
vertegenwoordiging naar buiten te treden. Het tekort aan een institutioneel
overkoepelend leergezag maakt het ook hier niet eenvoudig om tot efficiente
dialoog en samenwerking te komen met de christelijke geloofsgemeenschappen in
Japan zelf en nog minder met de interreligie dialoog organisaties in de landen
buiten Japan. @@Een speciaal geval is de tweejaarlijkse gebeds-samenkomst met de
belangrijkste geloofsgemeenschappen van de wereld, georganiseerd door de Boeddhistische Tendai
Geloofsgemeenschap op de Hiei berg te Kyoto, waaraan top religieuze leiders
deelnemen zoals o.a. Kardinaal Francis Arinze, voorzitter van de Pauselijke Raad voor de
Interreligieuze Dialoog.
Enkele
van de nieuwe na-oorlogse geloofsgemeenschappen hebben wel directe
belangstelling in de interreligie dialoog. Rissho Kosei-kai (1938,
oorsprong: Nichiren, 5 miljoen gelovigen) ligt aan de basis van de oprichting
en de financiële ondersteuning van het WCRP en ondersteunt ook financieel IARF,
Oxford.
Sôka
Gakkai (1930, oorsprong Nichiren, 17 miljoen) (Kômeitô is er de Japanse
politieke partij van) heeft goede relaties en ook samenkomsten met de
Katholieke Focolare beweging. Ook enkele Shintoistische gemeenschappen zoals Konko
Church of Izuo, The Omoto Foundation en Kurozumikyô zijn actief in
de interreligie dialoog op wereldniveau en nemen deel aan vele van de
internationale samenkomsten.
In India:
Er is
waarschijnlijk geen land in de wereld waar meer aan interreligieuze dialoog
gedaan wordt dan India. Volgens mijn laatste inlichtingen ter gelegenheid van
mijn 3-weken verblijf in India van 27 jan. tot 21 febr. 2002 moeten er in India
minstens ‘n 200 of zelfs meer interreligie dialoog organisaties werkzaam zijn.
Al deze organisaties hebben geen of zeer weinig contact met mekaar, wat
bevestigd wordt door het feit dat er
van deze organisaties zelfs geen adressen-lijst bestaat. Ook hier is van
nationale samenwerking weinig of niets te bespeuren, en eigenaardig genoeg
ontmoet men er geen echte belangstelling voor wat er op dit gebied buiten India
gebeurt.
Het India
van de armoede van millioenen en van het caste systeem met zijn 160 millioen
dalits of onaanraakbaren, en zoals het in vele boeken en tijdschriften
beschreven wordt, staat voor een tijd van grote veranderingen, hopelijk ten
goede. De middenklasse heeft levenskracht en kent een groei zonder voorgaande in
de Indische geschiedenis. Naast de armoede waarbij moet erkend dat er tot nu
toe weinig of geen honger geleden werd, tenzij soms bij tijdelijke
natuurrampen, is er een groei in werkgelegenheid en in familiaal vermogen,
zodat een deel van de vroegere “armen” nu deel begint uit te maken van de meer
begoede middenklasse, waarbij mannen zowel als vrouwen meer optreden als
zelfstandigen en minder afhankelijk worden van het systeem. Het caste systeem
wordt op een steeds meer ‘menselijke’ wijze aangevoeld met erkenning van de
waarden eigen aan iedere bevolkingsgroep, ook door de diverse politieke
partijen. Alleen is er nog volop nood aan een groei in erkenning van de Dalits
en van een meer sociaal-bewuste houding van de 200 miljoen rijke volksgroep
tegenover de andere volksgroepen, en die alleen maar belangstelling schijnen te
hebben voor de armen als onderbetaalde werknemers zowel in de iindustrie als in
de landbouw. Het zijn zij die zouden moeten instaan voor de financiële
ondersteuning van de NGO’s, en andere sociale activiteiten, wat nu bijna
uitsluitend gebeurt door hulp vanuit het buitenland. Als voetnota is het
interessant om weten dat meer dan 90% van de Christenen en hun bedienaars in
India afkomstig zijn van de Dalits caste.
De Japanse
nationale TV heeft jaren geleden een zeer belangrijke TV documentaire gemaakt
over deze handelsroute tussen China, over o.a. India, Pakistan en Iran, en de
landen van het Midden-Oosten, Egypte, Griekenland en Rome. Deze documentaire is
ook in boekvorm verschenen met een zeer gedetailleerd relaas over de steden en
plaatsen die vroeger op deze handelsroute gelegen waren. Deze handelsroute die
in gebruik geweest is van ongeveer 400 jaar vóór Christus tot 1300-1400 na
Christus, heeft tot gevolg gehad een voortdurende uitwisseling van talen en van
culturele en religieuze waarden tussen al deze volkeren en stammen.
In de
eeuwen vóór Christus was de stad Taxila in de Ghandara streek (nu Noord-Oosten
van Pakistan, en waarvan nu alleen ruines overblijven) een belangrijk draaipunt op deze handelsroute, met ook een in die tijd
befaamde universiteit, waaraan ook Perzen, Grieken en Chinezen kwamen studeren.
De doortocht van Alexander de Grote door Mesopotamië en de landen tussen India
van 332 tot 325 vóór Christus betekende een belangrijke versnelling van deze
uitwisselingen.
Keizer
Asoka van India die regeerde van 272 tot 231 vóór Christus bekeerde zich tot
het Boeddhisme, beleefde en bevorderde een zeer verdraagzame multireligeuze
maatschappij en heeft missionarissen uitgezonden naar Ceylon en naar de landen
aan het andere uiteinde van de zijderoute waaronder de steden Alexandria en
Memphis in Egypte. De concilies die hij op regelmatige tijden samenriep kunnen
aanzien worden als wellicht de oudste voorlopers van de interreligie dialoog
samenkomsten. Dion Chrysostomos (40-112) bevestigt in één van zijn geschriften
dat er Indiërs verbleven in Alexandria bij het begin van het nieuwe millennium.
Er is heel wat geschreven over de mogelijkheid
dat Jezus op de hoogte moet geweest zijn van de leer van Boeddha, en dat hij
zelfs in contact kan geweest zijn met volgelingen van Boeddhistische
missionarissen die zeker op het einde van de eeuw vóór Christus werkzaam waren
in Alexandria en Memphis. Sommigen proberen zelfs te kunnen bewijzen dat Jezus
de verborgen jaren van zijn leven, van 14 tot 27 jaar, in India zou verbleven
hebben onder de naam Issa.
Boeken hierover: The Original
Jesus, The Buddhist Sources of Christianity, Elmar Gruber & Holger Kersten,
Element Books, 1995.// The Lost years of Jesus, Elisabeth Clare Prophet, Book
Faith India, 1994. // Jesus lived in India, Holger Kersten, Penguin Books,
1994.
In
Thailand:
Sinds
jaren strijdt Sulak Sivaraksa voor de rechten van de inheemse volksstammen in
de noordelijke bergstreken van Thailand en de educatieve ontwikkeling van de
nog zeer ondergewaardeerde Boeddhistische Nonnen, zowel in Thailand als in Sri
Lanka. Hij is ook de stichter en bezieler van: “International Network of
Engaged Buddhists” (INEB) met als tijdschrift “Seeds of Peace”.
In Sri
Lanka:
Talrijke
organisaties, zowel Christelijke als Boeddhistische zijn actief in de
interreligieuze dialoog. Mijn persoonlijk contact en goede vriend ter plaatse
is Dr. Antony Fernando, Inter-Cultural Research Centre, 21G4 Peramuna Mawata,
Eldeniya, Kadawata, inculture@eureka.lk. Samen met zijn vrouw Sumana leidt hij een
school voor onderricht in Engels en computer praktijk met tegen de duizend
studenten uit de minst begoede standen. Is dokter in godgeleerdheid en was 15
jaar professor van het Christendom in een Boeddhistische universiteit en 15
jaar van het Boeddhisme in het Christelijk hoger onderwijs. Hij heeft twee
merkwaardige boeken geschreven : “Buddhism made Plain” en “Christian Path to
Mental Maturity” (dit laatste, vertaald en uitgegeven in het Nederlands “Het
Christendom in Evolutie”).
Mijn
‘Interreligie Dialoog Richtlijnen’
(zie mijn
website, versie van 10pp., en verkorte versie van 4pp. In verschillende talen)
Deze 7 richtlijnen stellen een basis voor tot wederzijdse aanvaarding en
tot samenwerking tussen de wereld geloofsgemeenschappen: christendom, islam,
boeddhisme, hindoeïsme, baha'i, en andere religies, de religieuze tradities,
humanisten en spirituele bewegingen. De zeven stellingen beperken zich tot wat
kan aanzien worden als de essentiële vereisten om te komen tot de
verwezenlijking van de beoogde doelstelling: 'vrede op aarde aan alle mensen
van goede wil', en kunnen (zoals in de verkorte versie) samengevat worden in
hun hoofdingen: 1. betere kennis
2. groei in vergeestelijking van de mensheid 3. mogelijkheden van de geloofsgemeenschappen 4. geen
exclusiviteit 5. getuigenis i.p.v.
bekering 6. meditatie 7. globale samenwerking.
Nieuw
punt in mijn ‘Interreligie Dialoog Richtlijnen’ p.2:
- dat de
grondstoffen van onze planeet (olie, gas, mineralen, enz.) het eigendom zijn
van de hele mensheid en niet het alleen-eigendom zouden mogen zijn van de
naties die zich er geografisch boven of bij bevinden. Een taks op deze die
profiteren van deze grondstoffen zou moeten geϊnd worden en gebruikt tot welzijn van de gehele
mensheid.
Nieuw
punt in verband met het Hindoeisme/Boeddhisme en de Islam:
Hindoeisme en Boeddhisme als monotheistische religies
Uit
studies van de Indische heilige schriften is het nu wel klaar dat men er een
algemene aanvaarding aantreft van het bestaan van een Ultieme Spirituele
Werkelijkheid in een drieéénheid van Brahma, Vishnu en Krishna, en waarvan de
menigte van Heiligen (‘goden’) een uitdrukking of een emanatie zijn in hun
velerlei vormen. Dit betekent dat het Hindoeisme nu kan beschouwd wordenm niet
zozeer als een pantheistische religie wat het ook in zekere zin is, maar
evengoed kan ondergebracht worden onder de monoteisthistische religies.
Hetzelfde
kan gezegd worden van het Boeddhisme waar ook eenzelfde algemene aanvaarding is
van een Ultieme Spirituele Werkelijkheid als de oorsprong en de finale
bestemming van alle mensen en zelfs van alle levende wezens en materiele
dingen. Ook hier kunnen de talrijke goden en bodhisathvas, meestal historische diep
religieuze gelovigen, beschouwd worden als Heiligen en die niet als ‘God’
vereerd worden. Daarom kan ook het Boeddhisme ondergebracht worden onder de
monotheistische religies.
Islam en de dialoog met andere geloofsgemeenschappen
De
revolutie in de Bijbelse exegese van een litteraire tot een meer
beschrijvende en betrekkelijke interprepretatie, eigen aan de cultuur, in de
Christelijke en dan vooral in de Katholieke theologie, is de meest waardevole
evolutie geweest van de voorbije 50 jaren ten bate van de interreligieuze
dialoog en de mogelijkheid geschapen tot echte interculturatie. De liturgische
veranderingen in de Katholieke Eucharistie viering waardoor het Latijn
vervangen werd door de volkstaal is ook een belangrijke stap geweest in deze
evolutie.
Meer en
meer wordt nu aanvaard dat de leerstellingen van de stichters van de wereld
geloofsgemeenschappen hun wortels hebben in de cultuur waarin ze ontstaan zijn
en dat zij ontstaan en ontwikkeld zijn op basis van de filosofische en morele
concepten van die cultuur. Zij werden uitgedrukt in vergankelijke bewoordingen
en in ceremonieën eigen aan de culturen waaruit ze ontsprongen zijn.
De
dialoog met andere geloofsgemeenschappen is ook mogelijk geworden door de
aanvaarding in waardering van andere culturen en religies zoals het aanbevolen
werd door het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965), en nadien meer en meer in
de praktijk omgezet werd. Hieruit volgt dat de verwoording van de ‘revelatie’
een voortdurende aanpassing vraagt aan de ontwikkeling in de wetenschap en aan
de groeiende kennis en ervaring van de gelovigen, zonder daarom aan de essentie
te raken. Zolang de teksten van de Koran bvb. geinterpreteerd worden als de
statische en onveranderbare woorden van God en zolang een meer wetenschappelijk
gebaserde interpretatie van de gereveleerde waarheden niet aanvaard en
toegepast wordt door de Moslim schriftgeleerden en de geloofsgemeenschap blijft
echte dialoog en misschien ook echte wereldvrede een moeilijke opdracht.
(adressen van organisaties, en teksten terzake
kunnen geraadpleegd worden op mijn website.)
Lucien F. Cosijns, Pr.Poppestr. 44, Mortsel, Belgium
Tel. 32 3 455.6880 Fax : 32 3
256.5433 E-mail:
lucien.cosijns@telenet.be
Website :www.interfaithdialoguebasics.be
Heading Symbols
Buddhism, Baha'i, Indigenous Traditions,
Christianity, Hinduism, Islam, Jainism, Judaism,
Shintoism, Zoroastrianism, Taoism, Sikhism.